Datarepositories kiezen en gebruiken

Data journals in Nederland en Europa: een overzicht voor 2026

Lieke de Vries Lieke de Vries
· · 5 min leestijd

Stel je voor: je hebt maanden onderzoek gedaan, bergen data verzameld, en nu wil je dat iedereen die data kan vinden, begrijpen en hergebruiken. Maar waar publiceer je dat?

Inhoudsopgave
  1. Wat is een data journal eigenlijk?
  2. Data journals in Nederland: vlaag na vlaag
  3. Het Europese speelveld: divers en groeiend
  4. Waar staan we nu, en waar gaan we heen?
  5. Wat brengt 2026?
  6. Conclusie: data publiceren is geen optie meer, het is een must

Traditionele tijdschriften doen het meestal niet — die focussen op artikelen, niet op de ruwe data zelf. Daarom zijn data journals zo'n game-changer. En in Nederland en Europa groeit die wereld hard. Hierbij het overzicht.

Wat is een data journal eigenlijk?

Een data journal is een wetenschappelijk tijdschrift dat niet publiceert over resultaten, maar over de data zelf. Je schrijft een helder artikel — een zogenaamde data paper — waarin uitlegt wat de data is, hoe deze is verzameld, welke methodes je gebruikt heeft, en waarom het waardevol is.

Daarna wordt de data gekoppeld aan een persistente identifier (zoals een DOI), zodat anderen het echt kunnen vinden, citeren en hergebruiken.

Het mooie? Veel data journals werken volgens het Diamond Open Access-model: je betaalt niets als auteur, en lezers betalen niets om het te lezen. De kosten worden gedragen door universiteiten, fondsen of overheden.

Data journals in Nederland: vlaag na vlaag

Nederland loopt voorop als het gaat om Open Science. De VSNU, universiteiten en onderzoeksinstituten zetten vol in op open data — en data journals passen perfect in die strategie.

De afgelopen jaren zijn meerdere initiatieven opgekomen. Denk aan platforms en repositories die specifiek gericht zijn op het publiceren en delen van onderzoeksdata.

Universiteiten werken steeds vaker samen om gezamenlijke oplossingen te bouwen, zodat data niet lokaal blijft hangen maar echt vindbaar is voor de wereldwijde wetenschappelijke gemeenschap. De Nederlandse overheid ondersteunt dit ook actief. Beleidsmaatregelen rondom Open Science, FAIR-data en Plan S zorgen ervoor dat onderzoekers steeds vaker worden aangespoord — of soms verplicht — om hun data open te stellen. Data journals zijn daarbij een logisch en krachtig antwoord op de vraag: "Maar waar publiceer ik het dan?"

Het Europese speelveld: divers en groeiend

Verschil van mening in Europa bestaat er niet over één ding: data publiceren is de toekomst.

Zenodo — de Europese publieke klok

Maar hoe je het aanpakt, dat verschilt per land en instelling. Toch zijn er een paar grote spelers die iedereen kent.

Figshare — flexibel en breed

Zenodo, beheerd door CERN in opdracht van de Europese Commissie, is waarschijnlijk de meest gebruikte repository voor open onderzoeksdata ter wereld. Het is gratis, open, en je kan er vrijwel alles neerzetten: datasets, software, presentaties, preprint papers. Alles krijgt een DOI. Inmiddels telt de platform miljoenen datasets, en de teller loopt nog steeds hard door.

Zenodo is geen data journal in de klassieke zin — er is geen peer review op het data paper — maar het is wel de ruggengraat van veel Europese data-publicatiestrategieën.

Dryad — peer review voor je data

Figshare, oorspronkelijk een Brits initiatief, biedt een vergelijkbaar platform met extra features zoals statistieken over downloads en citaties. Onderzoekers en instellingen kunnen er privé- of publieke projecten aanmaken, en het platform integreert goed met andere onderzoekstools. Figshare is populair bij zowel individuele onderzoekers als grotere universiteiten.

Dryad gaat een stap verder. Het is een curated repository waar je een data paper kunt schrijven en uploaden, waarbij de data daadwerkelijk beoordeeld wordt voordat deze gepubliceerd wordt.

Open Science Framework (OSF) — meer dan alleen data

Als je via Dryad publiceert, weet je zeker dat je data voldoet aan kwaliteitsstandaarten.

Dat maakt het een aantrekkelijke optie voor onderzoekers die erkenning willen voor hun datapublicaties — net als bij een traditioneel tijdschrift. OSF is geen data journal, maar het is wel de schakel die alles bindt. Het platform, ontwikkeld door het Center for Open Science, laat je hele onderzoeksprojecten inzichtelijk maken: van research design tot data, code en publicaties. Integraties met Zenodo, GitHub en andere tools maken het een krachtig hub voor iedereen die Open Science serieus neemt.

Waar staan we nu, en waar gaan we heen?

Laten we eerlijk zijn: data journals zijn nog geen mainstream. Veel onderzoekers publiceren hun data nog steeds als bijlage bij een artikel, of noteren het maar even op een harde schijf, terwijl je door reviewers jouw data laat beoordelen in een gespecialiseerd data journal.

Maar het tij keert langzaam. Metadata is het grootste struikelblok. Zonder goede, gestandaardiseerde beschrijving van data is het bijna onmogelijk om het te vinden of te hergebruiken. Twee onderzoekers die exact dezelfde soort data beschrijven, gebruiken vaak compleet andere termen.

Daarom werken organisaties aan gemeenschappelijke standaarden — maar we zijn er nog niet.

Erkenning is het tweede punt. In de huidse academische wereld telt vooral één ding: publicaties in tijdschriften met een hoge impact factor. Data publicaties worden nog te weinig gewaardeerd bij sollicitaties, bevorderingen en subsidieaanvragen. Gelukkig zien we hier verschuivingen — steeds meer universiteiten en fondsen erkennen datapublicaties als volwaardige wetenschappelijke bijdragen.

Wat brengt 2026?

De verwachting is dat het aantal data journals en datapublicaties in Nederland en Europa de komende jaren flink groeit. De Europese Commissie blijft investeren in Open Science-infrastructuur, en met Horizon Europe als motor komen er nieuwe fondsen beschikbaar voor platformen, standaardisatie en training.

We zien ook een duidelijke trend naar integratie: data journals die aansluiten bij bestaande repositories, die samenwerken met universiteitsbibliotheken, en die handige tools en plugins voor onderzoekssoftware bieden voor data management planning. Het idee is dat je niet meer tussen tien verschillende systemen hoeft te springen — alles komt samen in één workflow. En dan is er AI.

Machine learning en kunstmatige intelligentie maken het mogelijk om grote datasets automatisch te analyseren, te taggen en te koppelen.

Dat maakt data niet alleen vindbaar, maar ook slimmer. Data journals die hierop inspelen, hebben een enorm voordeel.

Conclusie: data publiceren is geen optie meer, het is een must

Of je nu bioloog, historicus of sociaal wetenschapper bent — als je onderzoek doet, heb je data. En die data verdient beter dan een vergeten mapje op je laptop.

Data journals bieden de structuur, de zichtbaarheid en de erkenning die onderzoeksdata nodig heeft. In Nederland en Europa staat alles klaar om dit echt te laten groeien. De tools zijn er, het beleid is er, en de mentaliteit verandert.

Het enige wat nog nodig is, is dat onderzoekers het écht gaan doen.

En dat begint met één simpel besluit: mijn data publieer ik niet alleen, maar ik maak het ook vindbaar, herbruikbaar, en waardevol voor iedereen.


Lieke de Vries
Lieke de Vries
Expert in Open Science principes

Lieke adviseert onderzoekers over het publiceren van FAIR data volgens de nieuwste normen.

Meer over Datarepositories kiezen en gebruiken

Bekijk alle 38 artikelen in deze categorie.

Naar categorie →
Lees volgende
Wat is een datarepository en waarom mag jij er niet zomaar één kiezen
Lees verder →